Gerritschinkel.nl Columns & meer

22jul/210

Martha Fields – Headed south

De muzikale roots van de uit Austin, Texas, afkomstige singer-songwriter Martha Fields liggen in de heuvels van Oost Kentucky, in West Virginia en in Texas. Ze is als het ware geboren met country- en folkmuziek in haar bloed. Ze leert zichzelf gitaar spelen en op jonge leeftijd begint ze met het schrijven van liedjes. Ze heeft o.a. opgetreden met Ricky Scaggs en Merle Travis en heeft een aantal succesvolle tournees door Europa gemaakt, waarin ze ook Nederland heeft aangedaan. Haar vorige twee albums, Southern white lies (2016) en Dancing shadows (2018) belandden in de top tien van de beste albums van de Euro Americana Chart. Martha Fields woont tegenwoordig een gedeelte van het jaar in het Franse Bordeaux.

Vorige maand verscheen haar nieuwe album Headed South. Het album, met twaalf nieuwe zelf geschreven songs, is tijdens de COVID-19 lockdown opgenomen in het zuidwesten van Frankrijk en gemixt in Butcher Shoppe Studio in Nashville door Sean Sullivan. Martha Fields wordt ook op dit album weer begeleid door haar vertrouwde Franse topmuzikanten.

Het openings- en titelnummer Heades south zet meteen de toon met heerlijke melodieuze americana en de band laat meteen ook zijn grote muzikale klasse horen. De zang van Martha Fields doet me in het met twangy gitaren versierde Let the Phoenix rise af en toe denken aan Marianne Faithfull. In my garden is lekkere R&B en met solerende bandleden, met een hoofdrol voor Vincent Samyn met zijn tinkelende pianosolo, swingt daarna Lavada’s Lounge de pan uit. Uitbundig is de zang, naast de twangy gitaren en dobro, in Death rattle of love. Dat de roots van Martha Fields in de Appalachen liggen bewijst ze in Hillbilly Babylon. Bluegrass voert de boventoon in het opwindende Do more right, met viool, banjo en gitaar. Yellow roses is een tranen trekkend mooie countryballad en ook Souvenir is een fraaie ballad met prachtige zang gedrenkt in Hammondtonen. De band, met een strakke ritmesectie, is daarna weer op dreef in het funky rockende High shelf mama. Een van de hoogtepunten is het jazzy Bad boy. Mooie pianosolo’s, opwindende tempoversnellingen met solerende bandleden en blazers. Dat Martha Fields ook voor Franse chansons haar hand niet omdraait laat ze horen in J’entends siffler le train/500 miles, een song van de Franse zanger Richard Anthony (1938 – 2015). Een indrukwekkend mooie afsluiter.

Conclusie: Headed south is een album met een authentieke mix van country, blues, rock ‘n ‘ roll, bluegrass en folk. Een fantastisch album.

Tracks:

  1. Headed south
  2. Let the Phoenix rise
  3. In my garden
  4. Lavada’s Lounge
  5. Death rattle of love
  6. Hillbilly Babylon
  7. Do more right
  8. Yellow roses
  9. Souvenir
  10. High shelf mama
  11. Bad boy
  12. J’entends siffler le train/500 miles

Line up:

  • Martha Fields – zang
  • Manu Bertrand – akoestische gitaar, dobro, pedal steel, lap steel, Weissenborn, resonator, banjo, 12-string gitaar, mandoline
  • Serge Samyn – contrabas, elektrische bas
  • Urbain Lambert – elektrische gitaar, akoestische gitaar
  • Dennis Bielsa – drums, percussie, washboard
  • Manu Godard – hammond
  • Monica Taylor – backing vocals
  • Travis Fite – backing vocals
  • Olivier Leclerc – viool
  • Vincent Samyn – piano
  • Bruno Bielsa – trompet
  • Jean Bielsa – trombone
19jul/210

Op naar Tokyo

De 108e Ronde van Frankijk zit er weer op. Met winnaar Tadej Pogacar is er volgens veel kenners van de wielersport een nieuwe kannibaal opgestaan. Alleen de Vlaamse wielerfans nemen dit niet voetstoots aan want ‘wij hebben Wout van Aert’. Vlaamse commentatoren onder aanvoering van Michel Wuyts en José de Cauwer komen woorden te kort om de heldendaden van hun Wout de microfoon in te schreeuwen. Wout van Aert is inderdaad een fenomeen en als hij wil, wint hij zo lijkt het. Tijdritten, zware bergetappes en eindsprints, het maakt de man uit Herentals niet uit. De hele Tour uitrijden, even snel nog wat verplichtingen en zondagavond meteen in het vliegtuig naar Tokyo. Op naar de Olympische Spelen.

De Olympische Zomerspelen beginnen a.s. vrijdag. Even was er nog onzekerheid of er van uitstel geen afstel zou komen, want de doorsnee Japanner zit er blijkbaar niet op te wachten. Toch worden het een beetje vreemde Olympische Spelen. Lege tribunes lijken mij nu niet direct iets waar je als sporter van droomt. Geen luide aanmoedigingen en het traditionele Olympisch dorp zal ook geen oord van grote vreugde zijn. De Stille Spelen.      

Desondanks ben ik van plan de nodige uren voor de tv door te brengen, want als kijksport zijn de Olympische Spelen, door het gevarieerde aanbod, nauwelijks te overtreffen. Hoewel je wat mij betreft, maar wie ben ik, wel vraagtekens kunt zetten bij bepaalde sporten, zoals b.v. de overkill aan zwem- en atletiekonderdelen, ritmische gymnastiek en sportklimmen.

Ik vind het wel jammer dat jiu jitsu niet op de Olympische kalender staat. Afgelopen weekend werden Aafke van Leeuwen en Boy Vogelzang Europees kampioen. Deze twee Goudse toppers hadden zeker niet misstaan op het Olympische podium. In tegendeel.

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
13jul/210

Alligator Records – 50 Years of genuine houserockin’ music

Het platenlabel Alligator Records bestaat dit jaar een halve eeuw. Het label werd in 1971 opgericht door de 23-jarige bluesfan Bruce Iglauer. De eerste plaat die Iglauer voor zijn nieuwe label opneemt is het debuutalbum van zijn favoriete Chicagobluesband Hound Dog Taylor & The Houserockers. De artiesten van het label zijn in de loop van de jaren overladen met Grammy Awards en andere Blues Music Awards. De catalogus van Alligator Records omvat meer dan 350 titels en het wordt door velen gezien als de hoeksteen van de blueslabels. Ik kan me dan ook niet voorstellen dat er bluesliefhebbers zijn die niets van Alligator Records in hun platenkast hebben staan.

Het 50-jarig jubileum van Alligator Records kon natuurlijk niet ongemerkt voorbij gaan. Vorige maand verscheen er een dubbel-lp met 24 tracks en een 3-cd met maar liefst 58 tracks van artiesten van dit nu al legendarische platenlabel.  

Cd 1 opent uiteraard met Hound Dog Taylor & The Houserockers. Een lekker begin met het ruige Give me back my wig. Verder veel spetterend gitaarwerk van gitaargoden als Son Seals, Fenton Robinson, Albert Collins, Roy Buchanan en Johnny Winter. De scheurende mondharp van Big Walter Horton, Carey Bell, James Cotton en William Clarke. Koko Taylors  explosieve zang mag niet ontbreken en met Professor Longhair duiken we de sferen van New Orleans in. Opwindende liveperformances van Lonnie Mack, Lonnie Brooks en Luther Allison. Het funky en soms bijna klassieke gitaarspel van Clarence ‘Gatemouth’ Brown, de swingende pianoblues van het trio Saffire en de rockabilly rootsrock van The Palladins.

Op cd 2 komen we geweldige gitaarbeulen tegen als Michael Burks, Kenny Neal, Smokin’ Joe Kubek, Long John Hunter, Joe Louis Walker en de jonge Australische slidegitarist Dave Hole. Ook hier weer veel mondharp (Carey Bell, Billy Boy Arnold, Corky Siegel en Phil Wiggins). Gospel is er van Mavis Staples, Corey Harris en de robuust rockende Holmes Brothers. CJ Chenier zorgt voor de zydeco. Katie Webster en Janiva Magness zijn de geweldige zangeressen.

Ook op cd 3 staat een grote variatie aan stijlen. Marcia Ball met haar zeer aangename New Orleans stijl, de vette slide van Lil’ Ed, prachtige slowblues (Roomful of Blues, Shemekia Copeland, Elvin Bishop, JJ Grey & Mofro, Tinsley Ellis). Beulswerk op de gitaar van Christone Ingram, Selwyn Birchwood, Guitar Shorty, Toronzo Cannon, Nick Moss, Coco Montoya). Mondharp (Charlie Musselwhite, Dennis Gruening, Rick Estrin & The Nightcats).  

Conclusie: Slowblues, vette bluesrock, soulblues, spetterende gitaren, huilende mondharmonica’s, swingende piano’s, blazers, uitstekende zangers en zangeressen, alles komt voorbij in deze fantastische verzamelaar. Bijna vier uur puur genieten.   

Tracks cd 1

  1. Hound Dog Taylor & The Houserockers – Give me back my wig
  2. Koko Taylor – I’m a woman
  3. Big Walter Horton with Carey Bell – Have mercy
  4. Fenton Robinson – Somebody loan me a dime
  5. Professor Longhair – It’s my fault darling
  6. Son Seals – Telephone angel
  7. Johnny Winter – Lights out
  8. Albert Collins – Blue Monday hangover
  9. James Cotton – Little car blues
  10. Albert Collins, Robert Cray & Johnny Copeland – The dream
  11. William Clarke – Pawnshop bound
  12. Lonnie Mack – Ridin’ with the blinds (live)
  13. Lonnie Brooks – Cold lonely nights (live)
  14. Luther Allison – Soul fixin’ man (live)
  15. Clarence ‘Gatemouth’ Brown – Got my mojo working
  16. Saffire – The uppity blues women – Sloppy drunk
  17. Roy Buchanan – That did it
  18. The Palladins – Keep on lovin’ me, baby

Tracks cd 2:

  1. Michael Burks – Love disease
  2. Kenny Neal – I’m a blues man
  3. The Holmes Brothers – Run myself out of town
  4. Little Charlie & The Nightcats – Jump start
  5. Katie Webster – I’m still leaving you
  6. Smokin’ Joe Kubek & Bnois King – Don’t lose my number
  7. The Kinsey Report – Corner of the blanket
  8. Carey Bell – I got a rich man’s woman
  9. C.J. Chenier & The Red Hot Louisiana Band – Au contraire mon frere
  10. Mavis Staples – There’s  a devil on the loose
  11. Michael Hill’s Blues Mob – Presumed innocent
  12. Steady Rollin’ Bob Margolin – Not what you said last night
  13. Billy Boy Arnold – Man of considerable taste
  14. Cephas & Wiggins – Ain’t seen my baby
  15. Long John Hunter – Marfa lights
  16. Dave Hole – Phone line
  17. Eric Lindell – Josephine
  18. Joe Louis Walker – I won’t do that
  19. Janiva Magness – That’s what love will make you do
  20. The Siegel-Schwall Band – Going back to Alabama
  21. Corey Harris & Henry Butler – Why don’t you live so God can use you?

Tracks cd 3:

  1. Marcia Ball – Party town
  2. Lil’ Ed & The Blues Imperials – What you see is what you get
  3. Roomful of Blues – In a roomful of blues
  4. Billy Branch & The Sons of Blues – Blue and lonesome
  5. Christone ‘Kingfish’ Ingram – Outside of this town
  6. Shemekia Copeland – Clotilda’s on fire
  7. Curtis Salgado – The longer that I live
  8. Selwyn Birchwood – Living in a burning house
  9. Elvin Bishop & Charlie Musselwhite – Midnight hour blues
  10. The Cash Box Kings – Ain’t no fun (when the rabbit got the gun)
  11. Tommy Castro & The Painkillers – Make it back to Memphis (live)
  12. JJ Grey & Mofro – A woman (live)
  13. Rick Estrin & The Nightcats – I’m running
  14. Coco Montoya – You didn’t think about that
  15. Tinsley Ellis – Ice cream in hell
  16. Chris Cain – You won’t have a problem when I’m gone
  17. Guitar Shorty – Too late
  18. The Nick Moss Band feat. Dennis Gruening – The hig coast of low living
  19. Toronzo Cannon – The Chicago way
12jul/210

Coming home

“Football is coming home” riep heel chauvinistisch Engeland al dagen. Maar zondagavond moesten de Britten weer constateren dat dit niet het geval was. De Premier League is een van de sterkste voetbalcompetities ter wereld en als er ergens geld klotst dan is het in Engeland. De topclubs zijn vergeven van voetbalmiljonairs uit alle windstreken. Nou ja, bijna alle windstreken, want bij sommige clubs is het aandeel Engelse voetballers soms miniem. Dus bij de kreet ‘football is coming home’ kan eigenlijk gewoon een vraagteken worden gezet. Maar oké, het EK voetbal is voorbij en de internationals gaan nog even snel met vakantie voordat de nieuwe competitie weer begint.

De amateurvoetballers gaan zo langzamerhand ook met vakantie. Afgelopen week werden de indelingen van de competitie 2021 – 2022 bekend gemaakt. Voor veel clubs komen weer de bekende tegenstanders voorbij met soms een verrassing, maar er wordt hier en daar ook stevig gebaald. De Goudse trainer René van Beek had zich verheugd op de vele streekderby’s, maar hij zal nu met Groeneweg vooral in de regio Rotterdam de strijd moeten aangaan. En dat is even slikken. Ja, het wordt met de sterke toename van het aantal zaterdagclubs ook wel erg lastig om het iedereen naar zijn zin te maken.

Olympia en ONA gaan op de zondagmiddag weer een aantal verre reizen maken. En dat geldt zeker ook voor DONK. De KNVB heeft de Goudse 2e klasser, die in het seizoen 2022-2023 ook overstapt naar de zaterdag, ‘beloond’ met een aantal verre reizen naar Noord Holland. De zondagse afscheidstournee leidt o.a. naar Bloemendaal, De Kwakel, Heemstede, Haarlem en Badhoevedorp. Voor een voetbalverslaggever aan de ene kant wel leuk, want ik ben nog nooit bij de Rooms Katholieke Sport Vereniging Heemstede-Berkenrode Combinatie geweest.   

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
7jul/210

Lukas Nelson & Promise of the Real – A few stars apart

De Amerikaanse rockband Promise of the Real (POTR), is in 2008 opgericht door Lukas Nelson (25 december 1988), zoon van de beroemde Willie Nelson, en drummer Anthony LoGerfo. Beide heren ontmoetten elkaar tijdens een concert van Neil Young en besloten toen samen muziek te gaan maken. Sinds 2015 zijn Lukas Nelson & Promise of the Real ook de begeleidingsband van Neil Young. In 2010 verscheen hun debuutalbum Lukas Nelson & Promise of the Real.  

De COVID-19 pandemie zorgde er voor dat Lukas Nelson & Promise of the Real helaas na tien jaar uitgebreid toeren over de hele wereld een pauze moesten inlassen. Maar deze rustpauze kwam volgens Nelson wel zijn innerlijke rust ten goede en het was ook een mooi moment om te reflecteren.  

Vorige maand verscheen het nieuwe album van Lukas Nelson & Promise of the Real. Het album A few stars apart telt elf nummers en werd in drie weken opgenomen in RCA Studio in Nashville met de gelauwerde producer Dave Cobb (o.a. Sturgill Simpson, Chris Stapleton, John Prine, Jason Isbell).

Het album opent met de mooie ballad We’ll be alright, waarbij de stem van Lukas af en toe dicht in de buurt komt van die van zijn vader Willie Nelson. Het tempo gaat omhoog in Perennial bloom (back to you), een melodieuze rocker met gitaren en drums in de stijl van Tom Petty & the Heartbreakers. In Throwin’ way your love bewijst de band zijn grote klasse. Het titelnummer A few stars apart, een romantische ballad met piano en orgel, wordt gevolgd door het funky No reason, met fraaie baslijnen en opvallende percussie. In het folky Leave ‘em behind wordt weer uitstekend gemusiceerd, met een strakke ritmesectie en Logan Metz op banjo. Na de strakke gitaarrocker Wildest dreams, wederom in de beste traditie van Tom Petty, bewijst Nelson een soulvolle zanger te zijn in de met lekkere baslijnen en tinkelende piano aan het eind versierde ballad Giving you away. Het samen met Rina Ford geschreven Hand me a light is een prachtige countryballad met mooie harmonieen. De stem van Lukas lijkt in de uptempo jazzy countrysong More than we can handle ook weer op die van vader Willie. Het slotnummer Smile is een zeer fraaie pianoballad.

Conclusie: Met A few stars apart hebben Lukas Nelson & Promise of the Real wederom een uitstekend album afgeleverd waar de energie van af spat.  

Tracks:

  1. We’ll be alright
  2. Perennial bloom (back to you)
  3. Throwin’ away your love
  4. A few stars apart
  5. No reason
  6. Leave ‘em behind
  7. Wildest dreams
  8. Giving you away
  9. Hand me a light
  10. More than we can handle
  11. Smile

Line-up

  • Lukas Nelson – zang, akoestische gitaar, elektrische gitaar, piano
  • Logan Metz – banjo, lap steel, mellotron, orgel, piano, wurlitzer, backing vocals
  • Dave Cobb – akoestische gitaar
  • Anthony LoGerfo – drums
  • Corey McCormick – (contra) bas, mellotron, backing vocals
  • Tato Melgar – percussie
5jul/210

Foutje, bedankt

Hoewel Nederland al weer een tijdje is uitgeschakeld op het EK is het nog verre van rustig rondom Oranje. De hoeveelheid pek en veren die werd uitgestort over ‘onze jongens’ wordt nog steeds groter. De 17 miljoen bondscoaches die Frank de Boer hebben afgeserveerd vallen nu over elkaar heen wie de nieuwe bondscoach moet worden. Talloze namen zoemen rond, vooral die van Feldwebel Louis van Gaal. Ik heb zelfs de naam Pieter Omtzigt horen vallen, maar dan ben je helemaal ten einde raad lijkt mij. Het zal me worst wezen, ik kan me er niet druk over maken. Ze doen maar. Ik zie het wel.

Het afgelopen sportweekend stond weer in het teken van vreugde, verdriet en berusting. Dat Max Verstappen wint is zo langzamerhand ‘normaal’. Geen enkele fan twijfelt nog, wonderkind Max wordt de nieuwe kampioen Formule 1. Er waren ook sportliefhebbers die dachten dat dat andere wonderkind Mathieu van der Poel een belangrijke rol in de Ronde van Frankrijk zou gaan spelen. Maar Mathieu laat zich niet gek maken en bepaalt zijn eigen weg.

Ik vrees trouwens dat de Ronde van Frankrijk nu al beslist is, want een nieuwe Sloveense kannibaal lijkt opgestaan. Maar een ongeluk zit in een klein hoekje, daar kunnen meerdere renners over meepraten. En langs het parcours staan nog steeds idioten met borden en vlaggen.

Deze week wordt ook definitief bekend welke atleten er naar de Olympische Spelen mogen. Hopelijk geldt dat ook voor dressuuramazone Dinja van Liere. Door een administratieve fout heeft haar paard Hermes de Duitse nationaliteit gekregen. Ik hoor het Rijk de Gooyer in zijn REAAL-reclamespotje nog zeggen: Foutje, bedankt! Regels zijn regels, maar ik hoop dat sporttribunaal CAS hier in dit geval toch anders over denkt.

   

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
30jun/210

Jan van Bijnen – Modest man

Singer-songwriter en multi-instrumentalist Jan van Bijnen was jarenlang muzikaal begeleider van artiesten als Freek de Jonge, Rob de Nijs en Claudia de Breij en werd ook bekend als slidegitarist in de band van de Berlijnse singer-songwriter Sonja Markowski en als lid van de 50’s act Lazy J et son Orchestre. Het muzikale hart van van Bijnen ligt bij americana en bluegrass. Een aantal jaren geleden vormde van Bijnen met Joost Verbraak een nieuw duo. Hun debuutalbum 2nd Line City verscheen in oktober 2016. De opvolger Endless road kwam in 2018 uit.

Maar nu vond van Bijnen het tijd om zijn eerste solo-cd uit te brengen. Hij had een aantal songs geschreven, die volgens hem een persoonlijker en een andere muzikaal karakter dragen, waardoor ze minder geschikt zijn om door het duo Van Bijnen – Verbraak op de plaat te worden gezet.

Deze maand verscheen Modest man, het eerste soloalbum van Jan van Bijnen. Het album kwam tot stand via crowdfunding. Op Modest man staan tien door van Bijnen geschreven songs.    

In het rustig gezongen openingsnummer Now you know it horen we de mooie contrabastonen van Hans Custers en de trombone en sousafoon van Joost Verbraak. Van Bijnen speelt alle instrumenten op And your daddy too zelf (akoestische gitaar, drums, contrabas) en hij verrast met een lyrische solo op zijn resonator gitaar. Recollect that sign, met dobro, mandoline, piano en Hammond, klinkt geweldig. In het country getinte Foodtruck kinda love is weer een prachtige melodieuze dobro te horen, naast banjo en mandoline. In het mooi gezongen If only for a moment, worden naast dobro ook de ukelele en de vibrafoon tevoorschijn gehaald. Op Join me on the porch krijgt Van Bijnen fraaie muzikale ondersteuning van ‘togethermachine’ Marcel van As. Fraai zijn de baritongitaarlicks in The me in you. Van Bijnen ’s ietwat hese zang in het rustige The streetcar I ride doet me zeker in dit nummer denken aan Steve Forbert en hij laat hier ook horen met de pedal steel overweg te kunnen.

Verbraak is de ‘dienende’ drummer op Maybe a dream, bij het zeer fraaie gitaarwerk van van Bijnen en de backing vocals van de jonge zangeres Nienke Dingemans. In het titelnummer, de mooie uitsmijter Modest man, met alleen zang en akoestische gitaar, ontmoet Bijnen uiteenlopende figuren als Nelson Mandela, de excentrieke dammer Jannes van der Wal, filmacteur Omar Sharif en Sloop John B.   

Conclusie: Modest man is een heerlijk, warm en zeer prettig in het gehoor liggend album.

Tracks:

  1. Now you know it
  2. And your daddy too
  3. Recollect that sign
  4. Foodtruck kinda love
  5. If only for a moment
  6. Join me on the porch
  7. The me in you
  8. The streetcar I ride
  9. Maybe a dream
  10. Modest man

Line-up

  • Jan van Bijnen – zang, gitaren, dobro, mandoline, mandola, pedalsteel, banjo, ukelele, bas, contrabas, piano, Hammond, vibrafoon, drums, percussie
  • Joost Verbraak – trombone, horn, sousafoon, drums (track 9)
  • Hans Custers – contrabas (track 1)
  • Nienke Dingemans – backing vocals (track 9)
  • Marcel van As – ‘togethermachine’ (track 6)

28jun/210

Eric Johanson – Covered tracks vol. 2

De in New Orleans (Louisiana) geboren zanger-gitarist Eric Johanson deelde het podium als leadgitarist met o.a. Cyril Neville, Anders Osborne, JJ Grey, Eric Lindell en The Neville Brothers. In 2017 tekende hij een platencontract bij Whiskey Bayou Records, het platenlabel van zijn ontdekker Tab Benoit, bluesrockicoon uit Louisiana. In datzelfde jaar verschijnt zijn door Benoit geproduceerde debuutalbum Burn it down. Johanson toerde daarna twee jaar met Tab Benoit en deed ook solo-optredens.

In maart van dit jaar bracht Johanson het album Covered tracks vol. 1 uit, een album met (akoestische) covers van o.a. Chicago, Nine Inch Nails, Skip James, The Free, The Allman Brothers Band en Taj Mahal. Nauwelijks drie maanden later is nu Covered tracks vol 2 verschenen. Wederom een (akoestisch) album met covers van bekende artiesten als b.v. Son House, The Neville Brothers, Mississippi John Hurt en zelfs The Beatles.

Het album opent met een bluesy versie met slide van Sleep to dream, een nummer van Fiona Apple uit 1996. Heerlijk funky is Yellow moon, van The Neville Brothers. Zeer fraai is de akoestische gitaarsolo. Met de slidegitaar in Death letter van Son House trakteert Johanson op een heerlijke portie deltablues. In the pines, het Amerikaanse volksliedje bekend van o.a. Leadbelly, Bill Monroe (die er een bluegrassversie van maakte) en ook Nirvana (MTV Unplugged 1994), krijgt hier door Johanson ook een mooie interpretatie. Prachtige jazzy countryblues, met slide, is Make me a pallet on your floor van Mississippi John Hurt. Na de Freddie King cover My credit didn’t go through wordt countrybluesman Mississippi Fred McDowell geëerd met Goin’ down to the river. 4th of July, van de grungeband Soundgarden van hun baanbrekende album Superunknown uit 1994, klinkt bij Eric Johanson heel anders, maar hij maakt er een heel mooie heldere vertolking van. Ingetogen en melodieus, met een fraaie slidesolo, is Can’t you see, een song van het debuutalbum van The Marshall Tucker Band uit 1973. Dat Johanson een goede zanger is bewijst hij in And I love her van The Beatles (A hard day’s night uit 1964). Apart is het slotnummer My melancholy baby, een vaudeville achtige song van Ernie Burnett en George Norton uit 1912 en bekend van o.a. Leon Redbone die het in 1977 op zijn album Double time zette.      

Conclusie: Ik kan het album Covered tracks vol. 2 van harte aanbevelen en zou het bovendien niet erg vinden als Eric Johanson met een vol. 3 zou komen.

Tracks:

  1. Sleep to dream
  2. Yellow moon
  3. Death letter
  4. In the pines
  5. Make me a pallet on your floor
  6. My credit didn’t go through
  7. Goin’ down to the river
  8. 4th of July
  9. Can’t you see
  10. And I love her
  11. My melancholy baby
28jun/210

Terug naar normaal

Er ging vorige week een zucht van verlichting door Nederland. Volgens het kabinet was het coronabeest vrijwel in zijn hok teruggedrongen en ons land kreeg zijn vrijheid langzamerhand weer terug. Voor velen een sein om alle remmen los te gooien. Mondkapjes werden massaal gedumpt. Filevorming voor cafés en restaurants. Het hek was van de dam.

Ook de voetbalfans slaakten vorige week een zucht van verlichting. De nummer drie uit de  ‘poule des doods’ was ontlopen. De oranjeloper naar de halve finale was uitgelegd. Eerst Tsjechië even elimineren en daarna mocht of Wales of Denemarken ook geen al te groot obstakel zijn. Ach, en daarna zouden we wel verder zien. Voor heel grote optimisten lonkte zelfs de finale. En sommigen zagen na 33 jaar weer een tocht door de Amsterdamse grachten voor zich. Ongebreideld optimisme vierde hoogtij.

Maar op zondag 27 juni werd het Nederlandse voetbalfeestje ruw verstoord. Aan het sprookje kwam een abrupt einde. Het Nederlands elftal vond aan de boorden van de schöne blaue Donau zijn Waterloo. Dag Bakoe. Dag Londen. De fans dropen, honderden euro’s en een illusie armer, teleurgesteld af. De overbetaalde voetbalmiljonairs gaven niet thuis en kunnen met vakantie. Frank de Boer gaat de komende weken nadenken. Dat laatste had hij volgens de 17 miljoen bondscoaches eerder moeten doen. Nu alle oranje prullaria nog even in de vuilbak deponeren en we kunnen weer terugkeren naar ‘normaal’.

Goudse sportclubs hebben de afgelopen week, voordat de zomerstop aanbreekt, ook weer een aantal activiteiten opgestart. De voetballertjes van DONK en ONA konden weer lekker op voetbalkamp. Jodan Boys speelde zijn eerste serieuze oefenwedstrijd. De Goudse Reddingsbrigade kon toch nog een beetje de 100-jarige verjaardag vieren. Mooi.

En gelukkig is er nog de Ronde van Frankrijk.    

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
21jun/210

Publiekslievelingen

Ik wil het met u hebben over het fenomeen publiekslieveling, iemand die tedere gevoelens opwekt bij het publiek. Ze zijn er op alle gebieden en in alle soorten en maten, maar laat ik me beperken tot de sportwereld.

Neem het afgelopen sportweekend. Autosportliefhebbers hadden Max Verstappen al lang in hun armen gesloten, maar sinds zondag kan hij helemaal niet meer kapot. Zelfs bij degenen die niets of weinig met autosport hebben heeft hij volgens mij een speciaal plekje veroverd.    

Het EK voetbal dat nu volop bezig is levert ook zijn lievelingen op. Je hoeft maar twee keer te scoren en je de longen uit je lijf te lopen, en je bent een publiekslieveling. Denzel Dumfries, tot voor kort niet eens zeker van een basisplaats in Oranje, weet er alles van. En wat te denken van Robin Gosens. Voor veel Duitsers was deze halve Nederlander tot voor kort een nobody, maar blink je uit in de wedstrijd tegen Portugal, dan ben je meteen de nieuwe Duitse lieveling. De Vlaamse wielerfans hebben ook hun eigen publiekslievelingen. De jonge Remco Evenepoel heeft in Vlaanderen al bijna een heiligenstatus en Wout van Aert zal in de Ronde van Frankrijk, die a.s. zaterdag begint, ook weer in de armen worden gesloten. Zo heeft iedere sport zijn publiekslievelingen.     

Maar eens een publiekslieveling wil nog niet zeggen altijd een publiekslieveling. Blijven de prestaties uit, of haal je iets uit dat niet in de haak is, dan laat het publiek je genadeloos weer vallen. Het aantal gevallen sporthelden is groot. Bladerunner Oscar Pistorius kan er over mee praten. Wielrenner Lance Armstrong is misschien wel het grootste voorbeeld, hoewel hij volgens mij voor velen nooit een publiekslieveling was.

Publiekslievelingen, ze komen, blijven en gaan. 

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties