Gerritschinkel.nl Columns & meer

24feb/210

Tip Jar – One lifetime

Tip Jar is het internationale collectief van muzikale vrienden rond Bart de Win en Arianne Knegt. Van Amerikaanse americanahelden als Walt Wilkins en jazzvirtuoos Gilad Atzmon tot de Nederlandse snarenwonders Harry Hendriks, BJ Baartmans, violist Joost van Es en singer-songwriter Baer Traa.

Bart de Win studeerde jazzpiano aan het conservatorium, maar raakte geïnspireerd door de americana. De muziek van de Win is een cross-over tussen americana, blues en jazz. Hij is al jaren een bekende in de muziekwereld. Hij toerde met tal van internationale artiesten en maakt deel uit van Matthews Southern Comfort.

Arianne Knegt begon tijdens haar schooltijd te zingen in bands en koren. Later wordt ze leadzangeres in de country- en rockabillyband Marylou & The Good Old Boys. Sinds 2009 is zij een van de stemmen van The Simple Life.

Bart de Win maakte een aantal soloalbums en Arianne Knegt verzorgde wat vocals op die albums. Ze komen dan tot de conclusie dat hun stemmen op een natuurlijke manier samenvloeien. En dat is het begin van Tip Jar. In 2014 verscheen hun debuutalbum Back porch. Tip Jar stond in de VS in de line-up van diverse festivals in Texas en toerde in 2019 ook door Engeland.

Deze maand verscheen hun nieuwe album One lifetime. Het was oorspronkelijk de bedoeling dit vijfde album op te nemen in Austin, Texas, maar COVID-19 gooide roet in het eten. Het album werd nu opgenomen in de Daltoon Studio in Eindhoven. Hun Amerikaanse vrienden uit Texas leverden hun bijdragen via internet.

De mooie duozang is meteen te horen in het openingsnummer Go on to get lucky, dat door de accordeon ook een cajunsausje krijgt. Prachtig ingetogen is de zang in Something I said met de Win op melodica. Kiss me is heerlijke opwindende bluegrass met een glansrol van Joost van Es op fiddle. Dreamer’s dream walst lekker weg, met mandoline en fraaie duozang. Best year of your life is soulvol met subtiele begeleiding. Soulvol is de zang van Arianne daarna ook in Find your way. De Win neemt in Tell me something de leadvocals voor zijn rekening met weer de mooie duozang in het refrein. Het folky Amsterdam rain is een pareltje, met leadvocals van Arianne, mooie basloopjes en de accordeon met flarden van de bekende schlager ‘Tulpen uit Amsterdam’. Het titelnummer One lifetime is een mooi akoestisch liedje en de prachtige pianoballad Falloing angel roept door de geweldige harmonieën herinneringen op aan Crosby Stills & Nash. Met de tuba van Harold Spaan en de klarinet van Gilad Atzmon belanden we in het slotnummer The right words in de jazzsferen van New Orleans. 

Conclusie: One lifetime is een wonderschoon en gevarieerd album. Een feest om naar te luisteren.

Tracks:

  1. Go on to get lucky
  2. Something I said
  3. Kiss me
  4. Dreamer’s dream
  5. Best year of your life
  6. Find your way
  7. Tell me something
  8. Amsterdam rain
  9. One lifetime
  10. Falloing angel
  11. The right words

Line up:

  • Bart de Win – zang, piano, accordeon, Wurlitzer, koebel, melodica, Hammond B3
  • Arianne Knegt – zang
  • Eric van de Lest – drums
  • BJ Baartmans – mandoline, dobro
  • Tonnie Ector – staande bas
  • Gilad Atzmon – klarinet
  • Harold Spaan – tuba
  • Joost van Es – viool
  • Bill Small – zang, bas
  • Ron Flint - bas
  • Harry Hendriks – zang, elektrische gitaar, ukelele, bas, akoestische gitaar, mondharmonica
  • Walt Wilkins – zang
  • Bear Traa - zang
22feb/210

20 februari

Alsof het weer de gewoonste zaak van de wereld was ging ik afgelopen zaterdag naar het Groenhovenbad om liveverslag te doen van een waterpolowedstrijd. In de naast het zwembad gelegen sporthal was het druk. Vaccineren tegen het vermaledijde COVID-19 virus. Ik realiseerde me dat het zaterdag precies 1 jaar geleden was dat de Dick van Dijkhal officieel werd geopend met het Sportgala. Op 20 februari 2020 werden de sportman, sportvrouw, sportploeg en het sporttalent van 2019 gekozen. De nieuwe sporthal, vernoemd naar de in 1997 veel te vroeg overleden voetballer Dick van Dijk, de veel scorende spits van o.a. FC Twente en Ajax, die deze maand 75 jaar geleden in Gouda werd geboren.

Het zwemwater van het buitenbad van het Groenhovenbad lag te glinsteren in de vroege voorjaarszon. ’s-Morgens hadden fanatiekelingen hun baantjes getrokken, maar het bad lag er nu verlaten bij. In het binnenbad heerste ook geen uitgelaten sfeer. Publiek is nog steeds niet welkom

De waterpolocompetitie van de vrouwen in de eredivisie werd zaterdag hervat. Koploper GZC DONK speelde tegen, zeg liever met, SWOL 1894. De Goudse ploeg, precies een jaar geleden zo’n 100 meter verderop gekozen tot sportploeg van Gouda 2019, schoot met scherp en de arme Zwolse vrouwen gingen ook figuurlijk kopje onder. Een monsterzege van 26-5.

Noblesse oblige, want je bent niet voor niets nog steeds de regerend landskampioen.

Toeval of niet, toen ik die middag thuis kwam vond ik het fraaie jubileumboek van de 100-jarige Goudse Reddings Brigade in mijn brievenbus. Mooie verhalen en veel prachtige foto’s. Ook van Bastiaan de Knoop, die ook precies een jaar geleden gekozen werd tot sportman van Gouda van 2019. Toeval bestaat niet zegt men, maar ik ga hier nu toch aan twijfelen.   

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
15feb/210

Kort maar krachtig

Het is maandagmorgen en het regent. De sneeuw smelt. Fietsers banen zich voorzichtig een weg. Kinderen glibberen naar school. De bevroren sloten worden weer vloeibaar. Eenden en zwanen zien dat hun domein weer groter wordt. Grote stukken dooiende sneeuw vallen van de daken. De bomen staan troosteloos Koning Winter uit te zwaaien.

De afgelopen dagen veranderde Nederland in winterse taferelen die we lang niet hebben gezien. Ons land was helemaal in de ban van het ijs. Ook in Gouda was in het weekend geen sloot, gracht of plas ‘veilig’. Van krabbelaars tot toerders, iedereen bond de gladde ijzers onder. Ik zag hele gezinnen genieten. Moeders op bankjes langs de kant om hun kroost in de gaten te houden. De aantrekkingskracht van met name de Breevaart en de Reeuwijkse Plassen was groot. Fietsen en auto’s waren achteloos geparkeerd. Overvolle parkeerplaatsen. Geen steiger was onbezet. Geïmproviseerde koek- en zopietenten. Het klonk fantastisch om het zwarte ijs onder de glijdende noren te horen zingen. Voor velen was het genieten geblazen. Voetbal, volleybal, atletiek, handbal, judo, basketbal, dammen, schaken, rugby en andere sporten waren even niet belangrijk. Schaatsen was het motto!  

Er werd in het weekend niet alleen buiten, maar ook binnen voor het laatst geschaatst. Ook hier was het  genieten, althans voor sommigen. De Zweed Nils van der Poel was alleenheerser op de vijf en de tien kilometer. Zou dat alleenheerser zijn misschien met zijn achternaam te maken hebben?   

Het schaatsplezier was kort maar krachtig. Helaas ontbrak de kers op de taart, want de Elfstedentocht zat er niet in. Henk Angenent deed nog een vertwijfelde poging, maar dat werd geen doorslaand succes.

De winter lijkt voorbij. De schaatsen kunnen weer in het vet. Over tot de orde van de dag.

Foto's: Pret op het ijs! - Rebonieuws.nl
Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
14feb/210

Ally Venable – Heart of fire

Ally Venable (7 april 1999) is een jonge singer-songwriter-gitariste uit Kilgore, Texas. Ze groeit op met zingen in de kerk en luistert naar de muziek van Texaanse musici zoals Stevie Ray Vaughan. In 2013, ze is dan pas 14, komt haar debuut ep Wise man uit. Ondanks haar jeugdige leeftijd wint ze al meerdere prijzen waaronder vijf keer The East Texas Music Award. Volgens Texas roots-icoon Mike Zito is Ally Venable de toekomst van de blues en de cross-over muziek van de Amerikaanse rootsrock.

Deze maand verschijnt haar nieuwe (4e) album. Dit album, Heart of fire, is afgelopen jaar opgenomen in de Bessie Blue Studios in Stantonville, Tennessee, met de beroemde producer Jim Gaines. Ally wil op dit nieuwe album een toon creëren van het overwinnen van worstelingen en van doorzetten. ‘Mijn visie is om een positieve boodschap van liefde te verspreiden. De wereld heeft dat nu nodig. Mijn doel voor dit album was om mensen een uitlaatklep te geven’.

Het album opent stevig rockend en met (wah wah) gitaarwerk met het titelnummer Heart of fire. Uitstekend zijn het gitaarwerk, de uitbundige zang en de lekker golvende keys in Played the game. Hateful blues is een cover van de Amerikaanse jazzpianist, zanger en orkestleider Perry Bradford. Het begin van het nummer brengt je terug naar de krakende platen uit de jaren ’20, maar na een kleine minuut explodeert het nummer in een stevige blues. Road to nowhere schreef Venable samen met Devon Allman, die hier een verschroeiende solo uit zijn gitaar tovert. Mooi is ook de duozang in het refrein. In de samen met bluesgitarist Lance Lopez geschreven stevige bluesballad Bring on the pain is Ally’s held Kenny Wayne Shepherd te gast met zijn vlijmscherpe gitaarlicks. Duidelijke invloeden van Led Zeppelin zijn er in Hard change, ook weer samen geschreven met Lance Lopez en in Do it in heels. Fameus gitaarwerk. Zeer stevig met wah wah gitaarlicks is Sad situation. Bill Withers’ Use me is funky met fraai drumwerk en uitbundige zang. Het prijsnummer van het album is de bijna negen minuten lange instrumental Tribute to SRV. Een zeer gevarieerde gitaarode aan een van de helden uit haar jeugd Stevie Ray Vaughan. Met de funky bluesrocker What do you want from me wordt het album met een verschroeiende gitaarsolo in stijl afgesloten.        

Conclusie: Mijn eerste kennismaking met Ally Venable is een openbaring. Heart of fire is een album vol passie, met eerlijke, rauwe en stevige bluesrock. Mike Zito zou zo maar eens gelijk kunnen hebben.

Tracks:

  1. Heart of fire
  2. Played the game
  3. Hateful blues
  4. Road to nowhere
  5. Bring on the pain
  6. Hard change
  7. Do it in heels
  8. Sad situation
  9. Use me
  10. Tribute to SRV
  11. What do you want from me

Line up:

  • Ally Venable – zang, lead gitaar, rhythm gitaar
  • Bobby Wallace – bas
  • Landon Moore – bas
  • Jana Misener – cello
  • Cody Dickinson – drums
  • Elijah Owing – drums
  • Patrick Fusco – keyboards
  • Rick Steff – keyboards (track 2)
  • Kenny Wayne Shepherd – lead gitaar (track 5)
  • Devon Allman – lead gitaar, backing vocals (track 4)
10feb/210

Robbert Duijf – Dangerous mood

Zanger-gitarist Robbert Duijf (1974) maakt traditionele rootsmuziek en is geïnspireerd door grootheden als Charlie Patton, Lead Belly, Robert Johnson, Son House, Dave van Ronk, Michael de Jong en John Renbourn. Duijf vormde een aantal jaren met zanger-mondharmonicaspeler Guido Brassé het Limburgse duo Third House On The Left. Van dit duo verscheen in 2017 het album Love to see you cry. In 2019 brengt Duijf zijn eerste soloalbum Going home uit. In datzelfde jaar wint hij de finale van de Dutch Blues Challenge in Nieuw Vennep in de categorie solisten. Hij mag dan in 2020  Nederland vertegenwoordigen tijdens de International Blues Challenge in Beale Street in Memphis, Tennessee, alwaar hij tot de halve finale doordringt.

Meestal speelt Robbert als soloartiest, maar hij wilde nu wel eens iets anders proberen. Dus stapt hij begin 2020 met een aantal getalenteerde musici de Husky Studio’s in zijn woonplaats Heerlen binnen. Om een lp op te nemen. Zo’n zwarte schijf, want volgens Duijf was het altijd al zijn jongensdroom om ‘iets op vinyl te doen’.  

Eind vorige maand verscheen, alleen digitaal en op vinyl, zijn nieuwe album Dangerous mood, een album zonder overdubs, alles in één keer live ingespeeld en geproduceerd door Angelo Bombrini.

De sfeer en stijl van John Lee Hooker is in het openings- en titelnummer Dangerous mood meteen aanwezig. ‘Maak niet te veel plannen voor de toekomst, leef nu’ is het motto van de rustige ingetogen countryblues Oh death. Dat Robert Duijf geïnspireerd is door Michael de Jong is te horen in het mooie melodieuze Fools parade. ‘Wees aardig en neem het leven niet te serieus’. Lapsteel, fijne baslijnen en mooi akoestisch gitaarspel horen we in Like a wolf, het verhaal over de eerste wandeling door het bos nadat zijn hond was overleden. Het tempo gaat omhoog in Running, een liedje over iemand die op de vlucht is. In het vrijwel acapella My town brengt Duijf een korte maar mooie ode aan zijn woonplaats Heerlen. Heroïne is weer in de stijl van John Lee Hooker. In Going home brengt Duijf een prachtig saluut aan een van zijn andere grote voorbeelden, Charlie Patton. Mooi is hier de samenzang met Maud Knubben. Ook in het enigszins onheilspellende I am the devil, is de vocale bijdrage van Knubben mooi. De countryblues Troubles is gebaseerd op een waargebeurd verhaal. In het laatste nummer, het emotionele Ship wreck, zingt Duijf hoe moeilijk het omgaan is met verslaving.

Tracks:

  1. Dangerous mood
  2. Oh death
  3. Fools parade
  4. Like a wolf
  5. Running
  6. My town
  7. Heroïne
  8. Going home
  9. I am the devil
  10. Troubles
  11. Ship wreck

Line up:

  • Robbert Duijf – zang, akoestische gitaar
  • Angelo Bombrini – lapsteel, keys, banjo, percussie, handclap, backing vocals
  • Gino Bombrini – drums, bas (track 1,7)
  • Michel Henquet – upright bas (track 4,5,9)
8feb/210

Winterpret

Het is winter en dat zullen we weten ook. Van alle kanten werd al dagen gewaarschuwd dat Nederland een ongekende winterse periode te wachten staat. Vooral veel sneeuw. Met code rood in het vooruitzicht werden de nodige voorzorgsmaatregelen getroffen. ‘Ik moet het eerst allemaal nog maar zien’, mompelde ik. Maar toen ik zondagmorgen naar buiten keek zag ik dat sneeuwstorm Darcey inderdaad een witte wereld had geschapen. Wintertaferelen van de beroemde kunstschilders Hendrick Avercamp, Barend Cornelis Koekoek en Pieter Bruegel spookten door mijn hoofd. Kinderen hielden sneeuwbalgevechten en gleden lachend met hun sleeën van de besneeuwde hellingen af. COVID-19 leek naar de achtergrond verdrongen.

En als er sprake is van een paar graden vorst duikt het woord ‘Elfstedentocht’ uiteraard ook weer op. De altijd en overal aanwezige Peter R. de Vries zal de komende dagen als talkshowverschijning worden afgelost door Erben Wennemars. Ik zie hem nog bij DWWD een aantal jaren geleden bijna in tranen uitbarsten toen bekend gemaakt werd dat de Tocht der tochten toch niet doorging. Erben’s wereld leek in te storten en ik vrees dat hij ook nu niet al te veel verwachtingen moet hebben. Maar je weet nooit.

Zaterdag kon ik eindelijk weer eens mijn microfoon uit het stof halen. Net op tijd eigenlijk, want als Darcey een dag eerder was gekomen, had ik geen radioverslag kunnen doen van de waterpolowedstrijd van de vrouwen van GZCDONK. Mijn apparatuur werkte nog, maar verder was het een enigszins bizarre toestand. Mondkapjes. Geen juichende supporters. Daar waar je je normaal nauwelijks verstaanbaar kan maken, heerste er nu een beklemmende stilte. Je kon zelfs de aanwijzingen van de speelsters in het Groenhovenbad horen. Desondanks was ik blij om na lange tijd weer ‘langs de lijn’ te zitten. 

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
6feb/210

The Band – Saints and sinners (live 1983)

De Canadees-Amerikaanse rockband The Band is tot 1964 onder de naam The Hawks de  begeleidingsgroep van Ronnie Hawkins. Vanaf 1965 worden ze de begeleidingsband van Bob Dylan. Als Dylan lange tijd door een motorongeluk uit de roulatie is trekt de band zich terug in een gehuurd huis (Big Pink) in Woodstock en beginnen ze met het opnemen van eigen muziek. In 1968 verschijnt hun debuutalbum Music from Big Pink. In 1976 besluit The Band zich, vooral op initiatief van zanger-gitarist Robbie Robertson, op te heffen en zich te gaan richten op individuele projecten. Hun afscheid wordt op grootste wijze gevierd op 25 november 1976 (Thanksgiving Day) in Winterland Ballroom in San Francisco. The Band ontvangt tijdens dit concert (The Last Waltz) een groot aantal gasten (o.a. Bob Dylan, Ronnie Hawkins, Muddy Waters, Neil Young, Joni Mitchell, Dr. John, Van Morrison, Eric Clapton, Paul Butterfield en Neil Diamond). Martin Scorsese legt dit legendarische concert vast op film die in 1978 wordt uitgebracht. In 1977 komt Islands uit, het laatste album van The Band in de originele samenstelling. Hierna houdt The Band het voor gezien.

In 1983 brengt Levon Helm The Band weer bij elkaar. Alleen Robbie Robertson is er niet meer bij. Aangevuld met leden van The Cate Brothers Band, begint The Band weer te toeren. Hoe The Band bij hun comeback in 1983 klonk is te horen op het vorige maand uitgebrachte album Saints and sinners.

Levon Helm opent met fraaie mandolineklanken opwindend Rag mama rag. In de ballad Long black veil, neemt Rick Danko de leadvocals voor zijn rekening en Garth Hudson de accordeon. Een sterk punt bij The Band is dat ieder bandlid, m.u.v. Garth Hudson, leadvocalist is. In The shape I’m in is dat Richard Manuel. Danko zingt daarna weer melancholisch in de mooie ballad It makes no difference met Hudson ditmaal op saxofoon. Levon Helm, die naast zich ook Terry Cagle (en ook af en toe Richard Manuel) op drums weet, geeft een intense mondharpsolo ten beste in Milkcow blues van Kokomo Arnold en unior Parker’s klassieker Mystery train. De gitaarsolo van Earl Cate is ook fraai en doet eigenlijk niet onder voor Robbie Robertson. Ook in King Harvest (has surely come) is het gitaarspel van Cate fraai. Na Stage fright, met een keyboardsolo, wisselen Helm en Danko elkaar in The W.S. Walcott medicine show met de leadvocals af en scheurt Hudson er weer stevig op los met zijn saxofoon. You don’t know me is een door Manuel ingetogen gezongen ballad. Swingend met mondharpsolo’s, een hamerende piano en een saxsolo is de jumpblues Caledonia. Garth Hudson mag daarna excelleren op keyboards met zijn beroemde lange intro van Chest fever. Java blues is een fraaie blues afkomstig van Rick Danko’s debuutalbum uit 1977. De afsluiter is een lekkere versie van Willie and the hand jive van Johnny Otis.   

Conclusie: The Band bleek het musiceren in 1983 nog niet te hebben verleerd. Ook zonder Robbie Robertson liet de band horen dat hun muziek vooral ook live van grote klasse is. 

Tracks:

  1. Rag mama rag
  2. Long black veil
  3. The shape I’m in
  4. It makes no difference
  5. Milk cow blues
  6. Mystery train
  7. King Harvest (has surely come)
  8. Stage fright
  9. The W.S. Walcott medicine show
  10. You don’t know me
  11. Caledonia
  12. Chest fever
  13. Java blues
  14. Willie and the hand jive

Line up:

  • Rick Danko – bas, gitaar, zang
  • Levon Helm – drums, zang, mandoline, mondharp
  • Garth Hudson – keyboards, saxofoon, accordeon
  • Richard Manuel – piano, orgel, zang, drums
  • Terry Cagle – drums, backing vocals
  • Earl Cate – gitaar, backing vocals
  • Ernie Cate – keyboards
  • Ron Eoff – bas
1feb/210

Kat Danser – One eye open

De uit Edmonton afkomstige Canadese singer-songwriter-gitariste Kat Danser (Poolse en zigeuner- roots) heeft in haar geboorteland de bijnaam ‘Canada’s swamp blues queen’. Zij heeft talrijke onderscheidingen gekregen, zoals drie nominaties voor een Western Canadian Music Award, een nationale Maple Blues Award voor Best New Artist of the Year, winner van de Ambassador of The Blues Award. In 2002 verschijnt haar debuutalbum Ascension.

Op 19 februari komt Kat Danser met haar gloednieuwe album One eye open. Op dit album, haar 6e, werkt zij weer samen met de ervaren producer en gitarist Steve Dawson en wordt ze begeleid door een ensemble van gerenommeerde rootsmuzikanten. I.v.m. COVID-19 moest het album ‘op afstand’,  verspreid op plaats en in tijd, worden opgenomen.  

Met de opener Way I like it done is het meteen feest. De blazerssectie, de flonkerende piano, gitaar en de swingende ritmesectie brengen de luisteraar in de vrolijke sferen van New Orleans. In de langzame shuffle Lonely & the dragon, met een wervelende orgelsolo van Kevin McKendree, horen we de grote vocale kwaliteiten van Kat Danser, soms ingetogen, dan weer intens. Bring it with you when you come is een zeer fraaie cover uit de jaren ’20 van Gus Cannon. Swingend, ragtime achtig, trompet en een heerlijke pianosolo. Met de voortreffelijke blazerssectie en de gitaarlicks belanden we daarna met Frechman street shake weer in de sferen van New Orleans. Met Jesse Mae Hemphill’s soulvolle countryblues Get right, church, met een mooie baritonsaxsolo, duikt de band, met Lawson op gitaar voorop, de Mississippi Delta in. One eye closed is een spetterende punkachtige rocker opgesierd met een verschroeiende gitaarsolo. In het uptempo Trainwreck heeft Danser duidelijk leentjebuur gespeeld bij Junior Parker (Mistery train). Please, don’t cry en End of the days zijn soulvolle ballads met de uitstekende band achter de prachtige stem van Kat Danser. Het slotnummer, het Spaanstalige en temperamentvol gezongen Mi corazon (‘Oh la Habana, me has robado el corazón’), is een indrukwekkend mooie afsluiter met naast de zang een hoofdrol voor de fabuleuze blazerssectie.     

Conclusie: One eye open is ronduit een geweldig album.

Tracks:

  1. Way I like it done
  2. Lonely & the dragon
  3. Bring it with you when you come
  4. Frenchman street shake
  5. Get right, church
  6. One eye closed
  7. Trainwreck
  8. Please, don’t cry
  9. End of days
  10. Mi corazón

Line up:

  • Kat Danser – zang, gitaar
  • Steve Dawson – gitaar
  • Gary Craig – drums
  • Jeremy Holmes – bas
  • Kevin McKendree – keyboards
  • Jeremy Cook – bariton sax
  • Dominic Conway – tenor sax
  • Malcom Aiken - trompet
1feb/210

Spektakel

Maandagmorgen 1 februari 2021. Het is nog pikkedonker, de temperatuur is rond het vriespunt en de klok geeft 07.00 uur aan. Gekleed in dikke winterjassen met bontmutsen op het hoofd melden zich de eerste zwemmers bij het Groenhovenbad. Onder de winterkleding de badkleding. Lekker drie kwartier baantjes trekken in het buitenbad. Na het zwemmen snel afdrogen, de winterjas weer aan en zonder te douchen linea recta weer naar huis. Mooi initiatief van Sport.Gouda. De echte diehards kunnen zich uitleven.

Koud was het ook in Oostende bij het WK veldrijden. En zaterdag was het bovendien nog nat ook. Vlagerige wind, regen, bagger en rul zand. Renners die krakend in hun wielervoegen obstakels te lijf gingen en zwaar ploegend de branding trotseerden. Zeemeeuwen cirkelend boven de kolkende golven die richting strand bulderden. Met het in witte portlandsteen opgetrokken Casino Kursaal, de beroemde Koninklijke Gaanderijen, het luxueuze Thermae Palace Hotel en de Wellingtonrenbaan, het hippodroom uit het Belle époque, als decor van dit ware spektakel. Dierbare vakantieherinneringen aan deze prachtige kuststad, waar ook de geest van de Oostendse excentrieke schilder schrijver en componist James Ensor alom aanwezig is, kwamen het afgelopen weekend bij mij boven.

Spektakel was het de afgelopen weken ook bij Marble Mania. Althans volgens de ruim 1 miljoen toeschouwers die naar dit programma keken. Zappend viel ik in een knikkerwedstrijd op televisie. Uiteraard met de bekende BN’ers waar je dagelijks mee wordt doodgegooid. Voetbalcommentator Jack van Gelder, die deed voorkomen alsof we naar een spannende en tactische wedstrijd zaten te kijken. Het woord wedstrijd is hier natuurlijk niet op zijn plaats. Het is gewoon een kwestie van dom geluk wanneer jouw knikker als eerste de finish passeert. Maar ieder zijn meug. Ach wat verlang ik naar de zomervakantie!

Wout van Aert en Mathieu van der Poel 2021
Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties
25jan/210

Waterpolo

Het is al bijna weer vijf jaar geleden dat veel ogen gericht waren op Gouda. In het Groenhovenbad probeerde het Nederlandse vrouwenwaterpoloteam zich te plaatsen voor de Olympische Spelen van Rio de Janeiro. In een afgeladen zwembad deed ik op zaterdag 26 maart 2016 radioverslag van de kwartfinalewedstrijd Nederland – Spanje. Het optimisme bij de Nederlandse dames was groot, maar het werd een grote deceptie. Oranje verloor van de Spaanse furie en ging kopje onder in het Goudse zwemwater. De Olympische droom viel in duigen. Weer minstens vier jaar wachten op de herhaling van het gouden succes van 2008 in Beijing. Het Groenhovenbad werd gevuld met bittere tranen.

Vorig jaar januari dreigde het opnieuw mis te gaan. Tijdens het EK 2020 in Budapest werd in de halve finale verloren van Rusland en verspeelde Nederland de eerste kans op een olympisch ticket. Weer veroordeeld tot het spelen van kwalificatiewedstrijden. 

Maar met de nodige vertraging hebben de Nederlandse waterpolovrouwen zich het afgelopen weekend toch geplaatst voor de Olympische Spelen. In de finale van het OKT in Triëst verloor het team van Arno Havenga weliswaar met 11 – 13 van Hongarije, maar als finalist had Nederland zich al verzekerd van Tokio.

De Oranjevrouwen gaan naar Tokio. Met een belangrijke Goudse (GZCDONK) inbreng. Bondscoach Havenga was jarenlang speler van GZCDONK. Met toppers Maud Megens, Nomi Stomphorst en Brigitte Sleeking. En keepster Debby Willemsz, die eerder gefrustreerd was afgehaakt, maar haar motivatie weer heeft gevonden en helemaal terug is aan het keepersfront.

De waterpolosters gaan nu over tot de orde van de dag. De activiteiten worden op een lager pitje gezet tot de voorbereiding op de Olympische Spelen in Tokio begint. En nu maar hopen dat de Olympische Spelen dit jaar doorgaan.   

Gearchiveerd onder: Columns, Dé Weekkrant Geen reacties